R

 

 

R (radius) = straal van cirkel

R (rear drive) = achterwielaandrijving

R (resistance) = elektrische weerstand

R (reverse) = stand ‘achteruit’ van automatische versnellingsbak

 

R12 (refrigerant-12) = koelmiddel-12 voor airconditioning

 

R134a (refrigerant-134a) = koelmiddel-134a voor airconditioning

 

RA (rear axle) = achteras

 

race (verb) = [1] een motor onbelast onnodig hoge toerentallen laten draaien

race (verb) = [2] op hol slaan van een dieselmotor

race (verb) = [3] zeer snel rijden

race (subst.) = [1] loopring van kogellager

race (subst.) = [2]  loopvlak van band

race (subst.) = [3] race

race car = race-auto

race engine = racemotor

 

racer = [1] coureur

racer = [2] race-auto

 

racing car = race-auto

racing engine = racemotor

 

rack (verb) = op een rek leggen

rack (subst.) = [1] bagagerek

rack (subst.) = [2] tandheugel, tandreep

rack-and-pinion steering = tand­heugelstuurin­rich­ting

rack bar = tandreep

rack bushing = [1] glijbus van tandheugel

rack bushing = [2] lagerbus

rack cable = getande kabel van automatische radio-antenne

rack pinion = rondsel

rack support = druktaats

 

RAD (radiator) = radiateur

RAD/CASS (radio/cassette recorder) = radio met cassette-recorder

 

radar = radar

radar detector = radardetector

radar trap = snelheidscontrole door middel van radar

 

radial = [1] naar het middelpunt gericht, radiaal

radial = [2] stervormig

radial bearing = radiaallager

radial clearance = toelaatbare radiale speling

radial compressor = radiaalcompressor

radial engine = stermotor

radial flow = radiale stroming

radial force = radiaalkracht

radial joint = radiale afdichting

radial play = ontoelaatbare radiale speling

radial-ply tire (Am.) = radiaalband

radial-ply tyre = radiaalband

radial seal = radiale afdichting

radial sealing ring = afdichtring om as

radial tire (Am.) = gordelband, radiaalband

radial tire run-out (Am.) = hoogteslag in autoband

 radial tyre = gordelband, radiaalband

radial tyre run-out = hoogteslag in autoband

 

radiant = radiaal, stralend

radiant energy = stralingsenergie

radiant heat = stralingswarmte

radiant surface = stralingsoppervlakte

 

radiate (verb) = straling afgeven, uitstralen

 

radiation = straling

radiation loss = stralingsverlies

 

radiator = radiateur

radiator block = koelblok van radiateur

radiator bracket = radiateursteun

radiator cap = radiateurdopr

radiator-cap tester = radiateurdoptestapparaat

radiator-cap valve = overdrukklep in radiateurdop

radiator core = koelblok van radiateur

radiator cover = radiateurhoes

radiator drain plug = aftapplug aan onderkant van radiateur

radiator fan = koelluchtventilator, koelventilator

radiator-fan cowling assembly = beplating rondom koelventilator

radiator filling cap = radiateurvuldop

radiator flush = radiateurdoorspoelmiddel

radiator frame = frame van radiateur

radiator grille = radiateurgrille

radiator hose = radiateurslang

radiator inhibiter = anti‑roestmiddel voor koelvloeistof

radiator pressure cap = drukdop van radiateur

radiator roller blind = radiateurrolhoes

radiator shell = frame van radiateur

radiator shroud = radiateurhoes

radiator shutter = radiateurhoes

radiator tank = vloeistofreservoir van radiateur

radiator tester = radiateurtestapparaat

 

radio = radio

radio aerial = radio‑antenne

radio antenna (Am.) = radio‑antenne

radio cassette deck = radio-cassettedeck

radio-cassette recorder = radio met cassette-recorder

radio control = afstandsbediening, radiografische besturing

radio-control knob = bedieningsknop van radio

radio cut-out = ruimte in dashboard voor inbouw van radio

radio data system = radio-informatiever­strekkings­systeem

radio frequency = radiofrequentie

radio-frequency interference = storing op bepaalde radiofrequentie

radio interference = radiostoring

radio-interference suppression = radio-ontstoring

radio mode indicator = controlelicht van de radio-instelling

radio panel = radiopaneel

radio receiver = radio-ontvanger

radio receiver/cassette player = radio/cassette-deck

radio-screened = radio-ontstoord

radio set = radio-installatie

radio-shielded (Am.) = radio-ontstoord

radio signal = radiosignaal

radio station = radiozender

radio telephone = autotelefoon

radio traffic information = verkeersinformatie per radio

radio wave = golflengte van radio

 

radius = straal van cirkel

radius arm = geleide-arm, reactie-arm

radius link = geleide-arm, reactie-arm

radius of action = actieradius

radius of bend = bochtstraal, buigstraal

radius rod = geleide-arm, reactie-arm

 

raffinate (subst.) = geraffineerd product

 

rag = lap, vod

 

ragged = getand, met uitsteeksels, ongelijk

 

rail = [1] balk, lange staaf

rail = [2] langwerpig vat

rail = [3]  rail

 

rain = regen

rain cap = regenkap op luchtfilter

rain channel =  regengoot

rain groove = regengoot

rain gutter = regengoot

rain-proof = waterdicht

rain through = regengoot

 

raise (verb)_= [1] opkrikken

raise (verb) =  [2] verhogen

raised edge = opstaande rand

raised-floor bus = dubbeldeksbus

raised roof = verhoogd dak

 

rake (verb) = achterover hellen, overhangen

rake (subst.) = [1] hoek tussen de bodemplaat van een race-auto en het grondoppervlak

rake (subst.) = [2] hoek tussen zitgedeelte en rugleuning van stoel

rake adjustment = hoekverstelling

 

rally car = rallye-auto

 

ram = [1] door drukvulling verhoogde inlaatluchtdruk

ram = [2] hefcilinder, stempel

RAM (random access memory) = willekeurig toegankelijk geheugen van computer

ram air = inlaatlucht bij motor met oplading

ram box = luchthapper op motorkap

ram drag = weerstand van naar binnen gestuwde inlaatlucht

ram effect = inlaatluchttoevoer onder druk

ram induction = inlaatluchttoevoer onder druk

ram pipe = luchtinlaatspruitstuk waarin inlaatdruk door luchtopstuwing wordt verhoogd

ram pressure = stuwdruk als gevolg van resonanties in speciaal gevormd inlaatspruitstuk

 

ramp = [1] helling

ramp = [2] oprijplank van autotransporter

 

random = toevallig, willekeurig

random-access memory = willekeurig toegankelijk geheugen van computer

random button = knop voor afspeel­volgorde van CD-speler

random noise = achtergrondgeluiden bij radio-ontvangst

 

range (verb) = in lijn brengen, op een rij zetten

range (subst.; Am.) = overbrenging

range (subst.; Eng.) = bereik, gebied

range (subst.; Eng.) = [1] schakelgroep van transmissie

range (subst.; Eng.) = [2] serie

range box = range-bak, stapelbak

range-change box = range-bak, stapelbak

range-control valve = schakelklep van stapelbak

range of action = actieradius

range of revolutions = toerentalbereik

range of the controlled variable = regelbereik

range ratio = overbrengingsverhouding tussen schakelgroepen van transmissie

 

rape fuel = koolzaadolie als alternatieve motorbrandstof

rape-fuel engine = koolzaadmotor

rape oil = koolzaadolie

 

rapid = snel, vlug

rapid transit = snelverkeer

 

rare = [1] verdund, ijl

rare = [2] zeldzaam

rare gas = edelgas

rare mixture = arm mengsel, mager mengsel

 

rasp (verb) = raspen, schrapen

rasp (subst.) = raspvijl

 

rat tail = rattestaartvijl

 

ratchet = borgvertanding, ratel

ratchet brake = handrem

ratchet spanner = ratel

 ratchet wrench (Am.) = ratel

rate (verb) = schatten, taxeren

rate (subst.) = graad, maatstaf

rate (subst.) = mate, verhouding

rated = nominaal, toelaatbaar

rate of combustion = verbrandingssnelheid

rate of flow = doorstroomsnelheid

rate of oscillation = trillingsgetal

rate of speed = rijsnelheid

rate of transmission = overbrengingsverhouding

rate of turnover = omzetsnelheid

rate of wear = mate van slijtage

 

rated capacity = nominale capaciteit van accu

rated current = nominaal stroom

rated output = nominaal vermogen

rated speed = nominaal toerental

 

rating = [1] indeling

rating = [2] toelaatbaar vermogen, toelaatbare belasting

 

ratio = [1] overbrengingsverhouding

ratio = [2]  verhouding

 

rational = doordacht, rationeel

 

rattle (verb) = kraken, rammelen, ratelen

rattle (subst.) = gerammel

 

rattling = gerammel

 

raw = onbewerkt, ruw

raw material =[1] grondstof

raw material = [2] onbewerkt materiaal

raw oil = ruwe aardolie

 

rayon = kunstzijde, rayon

rayon-belted tire (Am.) = textielgordelband

 rayon-belted tyre = textielgordelband

razor blade = hobbymes

razor knife = hobbymes

 

RC (radio control) = radiografische besturing

RC (remote control) = afstandsbediening

RC (rotary-combustion) engine = rotatiemotor, wankelmotor

 

RCDLR (remote-control door-lock receiver) = ontvangend gedeelte van de afstandsbedie­ning van de centrtale portiervergrendeling

 

RCDM (right-door control module) = regelmodule van het rechterportier

 

RCR (receiver) = zend- en ontvangstin­stallatie

 

RDS (radio-data system) = op display weergegeven verkeersinformatiesysteem

 

reach (verb) = bereiken

reach (subst.) = bereik

reach of sight = gezichtsafstand

 

react (verb) = reageren

 

reactance = reactantie van condensator

 

reaction = reactie, tegendruk, tegenwerking

reaction arm = geleide-arm, reactie-arm

reaction distance = reactie-afstand

reaction link = duw-/trekstang, reactie-arm

reaction rod = duw-/trekstang, reactie-arm

reaction strut = duw-/trekstang, reactie-arm

reaction time = reactietijd

 

reactivate (verb) = opnieuw activeren

 

reactive coil = inductiespoel

 

reactivity = reactievermogen

 

reactor = reactor van koppelomvormer

 

read (verb) = aflezen, lezen

 

readability = afleesbaarheid

 

reading = afgelezen waarde, aflezing

reading error = afleesfout

reading fault = afleesfout

reading light = leeslamp

 

re-adjust (verb) = bijstellen, opnieuw afregelen

 

read-only memory = niet-programmeerbaar geheugen van microprocessor

 

ready for driving = rijklaar

ready for operation = gebruiksklaar

ready for service = gebruiksklaar

ready for use = gebruiksklaar, klaar voor gebruik

ready mix = basiskleur

ready to install = inbouwklaard

ready to start = rijklaar, startklaar

 

reagent = reagens

 

real = effectief, reëel, werkelijk

 

re-align (verb) = opnieuw uitlijnen

 

real-life condition = werkelijke toestand

real size = natuurlijke grootte, werkelijke grootte

real-time four-wheel drive = permanente vierwielaandrijving

 

ream (verb) = ruimen van gat, uitboren 

reamer = ruimer

reamer bolt = pasbout

 

rear (adj.) = achter-, achterste

rear (subst.) = achterkant

rear axle = achteras, achterbrug

rear-axle differential = achterasdifferentieel

rear-axle housing = achterashuis

rear-axle tube = achterasbuis

rear bench = achterbank

rear body = achterste gedeelte van carrosserie

rear bracket = achterschild

rear bumper = achterbumper

rear combination light = achterlichtgroep

rear compartment = achtercompartiment

rear cross member = achterste dwarsbalk

rear cross rail = achterste dwarsbalk

rear-deck lid = kofferklep

rear door = [1] achterdeur aan achterkant van auto

rear door = [2] achterportier aan zijkant van auto

rear drive = achterwielaandrijving

rear driver = auto met achterwielaandrijving

rear end = achterkant

rear-end collision = botsing tegen achterkant van auto

rear engine = achterin gemonteerde motor

rear-engined = met motor achterin

rear fender (Am.) = achterspatbord, achterspatscherm

rear flap = achterklep

rear fog light = mistachterlicht

rear hatch = achterklep van stationcar

rear head room = hoofdruimte voor achterpassagiers

rear heater = achterruitverwarming

rear light = achterlicht

rear mirror = achteruitkijkspiegel

rear-mirror base = voet van achteruitkijkspiegel

rear-mirror bracket = voet van achteruitkijkspiegel

rear-mirror glass = glas van achteruitkijkspiegel

rear-mirror stem = steel van achteruitkijkspiegel

rearmost driving position = in de achterste stand

rear-mounted engine = motor achterin

rear mudguard = achterspatscherm

rear muffler (Am.) = achterste uitlaatdemper

rear opening = achterklep

rear overhang = overhangend gedeelte achter de achteras

rear package trim = hoedenplank

rear panel = achterpaneel, achterwand

rear parcel shelf = hoedenplank

rear pillar = achterste dakstijl

rear post = achterste dakstijl

rear-quarter window = achterzijruitje

rear reflector = reflector van achterlicht

rear seat = achterbank

rear-seat back = rugleuning van achterbank

rear-seat catch = achterbankvergrendeling

rear-seat cushion = zitkussen van achterbank

rear-seat rest = rugleuning van achterbank

rear shelf = hoedenplank, pakjesplank

rear side = achterkant

rear-side marker = markeringslicht achterop de auto

rear silencer = achterste uitlaatdemper

rear spoiler = achterspoiler

rear spring = achterveer

rear suspension = [1] achterwielophanging

rear suspension = [2] achtervering

rear tire (Am.) = achterband

rear track = spoorbreedte achter

rear traction hook = trekhaak

rear tread = spoorbreedte achter

rear turn-signal light = richtingaanwijzer achter

rear tyre = achterband

rear vent window = uitklapbaar achterzijruitje

rear wall = achterwand

rear wheel = achterwiel

rear-wheel anti-lock = alleen op de achterwielen werkend ABS

rear-wheel bearing = achterwiellager

rear-wheel drive = achterwielaandrijving

rear-wheel steering = achterwielbesturing

rear-wheel steering angle = stuuruitslaghoek van de gestuurde achterwielen

rear-wheel suspension = achterwielophanging inclusief vering

rear window = achterruit

rear-window blinds = jaloezie bij achterruit

rear-window defroster = ­ontwaseminrichting van achterruit

rear-window demister = ontwaseminrichting van achterruit

rear-window heater = achterruitverwarming

rear-window louver (Am.) = achterruitjaloezie

rear-window louvre = achterruitjaloezie

rear-window molding (Am.) = sierlijst van achterruit

rear-window moulding = sierlijst van achterruit

rear-window pillar =  achterste dakstijl

rear-window post = achterste dakstijl

rear-window ring = sierlijst van achterruit

rear-window shelf = hoedenplank

rear-window washer = ruitensproeier van achterruit

rear-window wiper = ruitenwisser van achterruit

rear wing = [1] achterspatscherm

rear wing = [2] achtervleugel

rear wiper = achterruitenwisser

 

rearview mirror = achteruitkijkspiegel, binnenspiegel

rearview-mirror base = voet van achteruitkijkspiegel

rearview-mirror bracket = voet van achteruitkijkspiegel

rearview-mirror glass = glas van achteruitkijkspiegel

rearview-mirror stem = steel van achteruitkijkspiegel

 

rearvision mirror = achteruitkijkspiegel

rearvision-mirror base = voet van achteruitkijkspiegel

rearvision-mirror bracket = voet van achteruitkijkspiegel

rearvision-mirror glass = glas van achteruitkijkspiegel

rearvision-mirror stem = steel van achteruitkijkspiegel

 

rearward driving = achteruit rijden

rearward transfer = dynamische aslastverplaatsing tijdens gasgeven

 

reassemble (verb) = opnieuw monteren

 

reassembly = hermontage

 

rebalance (verb) = nabalanceren

  

rebore (verb) = opboren, opnieuw uitboren

 

rebound (verb) = uitveren, weerkaatsen

rebound (subst.) = terugslag

rebound clearance = veerweg tijdens uitvering

rebound clip = veerklem

rebound leaf = hulpveer, veerblad

rebound stroke = uitgaande slag van schokdemper

rebound travel = uitgaande slag van schokdemper

 

rebuild (verb) = herbouwen, herstellen

rebuild (verb) = opnieuw opbouwen, reviseren

rebuild (subst.) = algehele revisie

 

rebuilt engine = revisiemotor, ruilmotor

 

rebush (verb) = cilinderbussen vervangen, verbussen

 

recall (verb) = wegens een defect naar de dealer terugroepen

recall campaign = terugroepactie

 

recapitulate (verb) = aanbrengen van een nieuw loopvlak op autobanden

 

receiver = opslagreservoir, radio-ontvangstinrichting

receiver/dryer = ontvanger/droger van airconditioningssysteem

 

receptable = asbak

 

reception = radio-ontvangst

 

recess (verb) = inkepen, uitdiepen

recess (subst.) = [1] insnijding, uitsparing

recess (subst.) = [2] verzonken deel

 

recessed-head piston = komzuiger

recessed switch = verzonken schakelaar

 

recharge (verb) = opnieuw opladen van accu

 

rechargeable = oplaadbaar

 

reciprocal = over-en-weer, wederkerig

 

reciprocally proportional = omgekeerd evenredig

 

reciprocate (verb) = heen‑en-weer bewegen, op-en-neer bewegen

 

reciprocating engine = zuigermotor

 

recirculate (verb) = hercirculeren, steeds opnieuw circuleren

 

recirculating ball-and-nut steering = kogelkringloopstuurinrichting

recirculating-ball pipe = omloopbuis van kogelkringloopstuurinrichting

recirculating-ball steering = kogelkringloopstuurinrichting

 

recirculation of exhaust gases = uitlaatgasrecirculatie

 

reclaim (verb) = opspuiten van metaal

 

recline (verb) = achterover leunen, doen leunen

 

recliner knuckle = scharnier van rugleuning

recliner lever = verstelhendel van rugleuning

 

reclining lever = verstelhendel van rugleuning

reclining seat = slaapstoel, verstelbare stoel

 

recognise (verb) = herkennen

 

recognize (verb) = herkennen

 

recommend (verb) = aanbevelen

 

recondition (verb) = opknappen, opnieuw in goede staat brengen

 

reconditioned brake drum = uitgedraaide remtrommel

reconditioned engine = revisiemotor, ruilmotor

 

reconnect (verb) = opnieuw aansluiten

 

reconstruct (verb) = herbouwen, verbouwen

 

reconstruction = reconstructie, restauratie, vernieuwing

 

recool (verb) = opnieuw koelen

 

recooling = koeling van inlaatlucht na oplading

 

record (verb) = [1] aantekenen, registreren

record (verb) = [2] een record vestigen

record (subst.) = [1] aanteke­ning, registratie

record (subst.) = [2] aanteke­ning, record, registratie

 

recorder = tachograaf

recording instrument = tachegraaf

recording speedometer = tachograaf

recording unit = registreereenheid

 

recover (verb) =  opnieuw bruikbaar maken, recyclen

 

recoverable = opnieuw bruikbaar, recyclebaar

 

recovery = berging, herstel

recovery service = bergingsdienst

recovery vehicle = bergingsvoertuig, takelwagen

 

recreation = recreatie

 

recreational = de recreatie betreffend

recreational trailer = caravan

recreational vehicle = camper, motorhome

 

rectangle = rechthoek

 

rectangular = rechthoekig

rectangular compression ring = compressieveer met rechthoekige dwarsdoorsnede

rectangular control arm = dwarsgeplaatste wieldraagarm

rectangular coupling = kniekoppeling

rectangular-section member = doosvormige draagbalk

rectangular wave = rechthoekgolf

 

rectified current = gelijkgerichte stroom

 

rectifier = diodebrug, gelijkrichter

rectifier bridge = diodebrug

rectifier pack = gelijkrichter

 

rectify (verb) = [1] gelijkrichten

rectify (verb) = [2] opheffen van storingen

 

rectifying diode = gelijkrichtdiode

 

rectilinear = rechtlijnig

 

recuperate (verb) = herstellen, terugwinnen

 

recuperating chamber = compensatieruimte van schokdemper

recuperation of energy = terugwinning van energie

 

recyclability = mogelijkheid tot recycling, vermogen tot recycling

 

recyclable = recycleerbaar, regenereerbaar

recyclable materials = sloopmateriaal dat voor recycling in aanmerking komt

 

recycle (verb) = herwinnen, opnieuw bruikbaar maken, recyclen

 

recycling = herwinning, recycling

recycling plant = recyclingbedrijf

 

red = rood

red hot = gloeiend heet

red lead = menie

 

reddish = roodachtig

 

redesign (verb) = herontwerpen, opnieuw ontwerpen

 

reduce (verb) = [1] beperken, reduceren

reduce (verb) = [2] verkleinen, verlagen

reduce (verb) speed = snelheid verminderen

 

reducer = reduceerklep, reducerend verloopstuk

 

reducing gear = reductietandwiel

reducing nipple = verloopnippel

reducing pipe = verloopstuk

 

reduction = [1] overbrengingsverhouding die een verhoging van het toerental bewerkstel­ligt

reduction = [2] reductie, vermindering

reduction catalyst = reductiekatalysator

reduction connection = verbindingsstuk met kleiner wordende diameter

reduction gear = reductietandwiel, vertragingstandwiel

reduction ratio = overbrengingsverhouding die een verhoging van het toerental bewerk­stel­ligt

reduction starter motor= reductiestartmotor

reduction valve = reduceerklep

 

redundancy = redundantie, systeem waarbij in een elektronische schake­ling de functie van een defect onderdeel door een ander onderdeel wordt overge­nomen

 

redundant = overtollig, werkeloos

 

reed switch = glasschakelaar, reed-schakelaar

reed valve = membraanklep, reed-klep

 

reel = haspel, rol

reel = spoel, trommel

 

REF (reference) = referentie

 

reface (verb) = [1] een nieuwe buitenlaag aanbrengen

reface (verb) = [2] , een nieuwe voering aanbrengen

 

refacing = slijpen van kleppen

 

reference = referentie, uitgangspunt

reference = [2] standaardnorm bij elektrisch meetinstrument

 

reference dimensions = referentiematen

reference fuel = referentiebrandstof

reference number = referentienummer

reference point = referentiepunt

 

refill (verb) = bijvullen, opnieuw vullen

 

refine (verb) = [1] raffineren van aardolie

refine (verb) = [2] veredelen van metaal

 

refinery = raffinaderij

 

refining = raffinage van aardolie

 

refinish (verb) = [1] opnieuw afwerken, nabewerken

refinish (verb) = [2] uitdraaien van remtrommel

 

 refit (verb) = herstellen

 

reflect (verb) = reflecteren, terugkaatsen, weerspiegelen

 

reflecting triangle = gevarendriehoek

 

reflection = reflectie, spiegeling, terugkaatsing

 

reflective radio signal = gereflecteerd radiosignaal

reflective triangle = gevarendriehoek

 

reflectivity = vermogen tot reflectie

 

reflector = hitteschild, reflector

 

reflectorise (verb) = reflecteren

 

reflectorize (verb) = reflecteren

 

reflex = reflexbeweging, weerspiegeling

 

reform (verb) = zich opnieuw vormen

 

reforming = reformeringsproces tijdens fabricage van benzine

 

reformulated fuel = brandstof van een nieuwe samenstelling

 

refraction of light = lichtbreking

refractive index = lichtbrekingsindex

 

refractivity = lichtbrekingsvermogen

 

refractory = hittebestendig, vuurvast

 

refrigerant = koelmedium, koelmiddel

refrigerant compressor = compressor van air-conditioning

refrigerant line = koelmiddelleiding

refrigerant unit = koelapparaat van airconditioning

 

refrigerate (verb) = afkoelen, koelen

 

refrigerated charge = koelmiddelvulling

 

refrigeration = koeling

 

refrigeration system = koelingsgedeelte van airconditioningssysteem

refrigerator = [1] condenser van airconditioning

refrigerator = [2] koelinrichting van koelwagen

refrigerator vehicle = vrachtauto voor koeltransport

 

refringency = lichtbrekingsvermogen

 

refuel (verb) = brandstof tanken

 

refuelling point = tankstation

refuse = afval, vuilnis

refuse-collecting vehicle = vuilniswagen

refuse collector = vuilniswagen

refuse container = vuilcontainer, afvaltank

 

REG button = knop waarmee op de radio een regionale zender kan worden ingesteld, REG-knop

 

REG NO (registration number) = registratienummer

 

regenerate (verb) = regenereren, voor hergebruik geschikt maken

 

regenerating = uit recyclebaar materiaal vervaardigd

 

regeneration = herwinning, regeneratie, terugwinning

 

regenerative braking = recuperatieremmen

regenerative pump = zelfaanzuigende pomp

 

regenerator = warmtewisselaar

 

regional bus = streekbus

regional program = radioprogramma van een (soms automatisch instelbare  regionale zender

 

register (verb) = registreren

register (subst.) = luchtschuif, luchtuitblaasrooster

 

registration = registratie, typegoedkeuring

registration certificate = kentekenbewijs

registration number = kentekennummer, registratienummer

registration papers = autopapieren

registration plate = kentekennummerplaat

registration-plate holder = kentekennummerplaathouder

registration-plate lighting = kentekennummerplaatverlichting

 

regrading = wijziging van de oorspronkelijke kwaliteitsnorm

 

regrease (verb) = opnieuw smeren

 

regrind (verb) = bijslijpen, opnieuw slijpen

 

regroove (verb) = opsnijden van autoband

 

REGTS (recirculated exhaust-gas temperature sensor) = temperatuursensor van gerecircu­leerd uitlaatgas

 

regulable = regelbaar

 

regular = normaal, regelmatig

regular-grade gasoline (Am.) = normale benzine

regular-grade petrol = normale benzine

regular gasoline (Am.) = normale benzine

regular petrol = normale benzine

regular production option = standaarduitrusting

regular service bus = lijnbus

 

regularity = gelijkvormigheid, regelmaat

 

regulate (verb) = afstellen, regelen

 

regulated voltage = regelspanning

 

regulating nut = stelmoer, wartel

regulating piston = regelplunjer, regelzuiger

regulating pressure = regeldruk, stuurdruk

regulating range = afregelbereik, instelbereik

regulating resistor = rheostaat

regulating screw = regelschroef

regulating spring = regelveer

regulating system = regelsysteem

regulating valve = regelklep

regulating voltage = regelspanning

 

regulation =  regeling, voorschrift

 

regulations = reglement, voorschriften

 

regulator = [1] regelapparaat, regulateur

regulator = [2] spanningsregelaar van wissel­stroomdynamo

regulator = [3] span­ningsstabilisator

regulator nut = stelmoer, wartel

regulator piston = regelplunjer, regelzuiger

regulator pressure = regeldruk, stuurdruk

regulator range = afregelbereik, instelbereik

regulator screw = regelschroef

regulator spring = regelveer

regulator system = regelsysteem, stuursysteem

regulator valve = regelklep, stuurklep

regulator voltage = regelspanning

 

reheat (verb) = [1] naverbranden

reheat (verb) = [2] opnieuw verwarmen

 

Reid vapor pressure (Am.) = Reid-dampspanning van benzine

 Reid vapour pressure = Reid-dampspanning van benzine

 

reinforce (verb) = pantseren, versterken

 

reinforced tire (Am.) = autoband met extra-hoog draagvermogen

 reinforced tyre = autoband met extra-hoog draagvermogen

 

reinforcement = versterking

reinforcement plate = versterkingsplaat

 

reinstall (verb) = opnieuw monteren, terugplaatsen

 

relative = betrekkelijk, relatief

relative density = relatieve dichtheid

relative error = relatieve fout

relative humidity = relatieve luchtvochtigheid

relative wind = rijwind

 

relay = relais

relay box = relaisdoos, relaiskast

relay circuit = circuit met één of meerdere relais

relay control valve = door een relais gestuurde klep

relay emergency valve = aanhangwagennoodremklep

relay valve = door een relais gestuurde klep

 

release (verb) = loslaten, ontspannen, vrijlaten

release (subst.) = [1] terugtrekinrichting

release (subst.) = [2] uitschakelmechnisme

release bearing = koppelingsdruklager

release bolt = losbout

release cable = ontgrendelingskabel

release collar = druklager

release cylinder = ontkoppelingscilinder

release finger = drukvinger van koppeling

release fork = ontkoppelingsvork van koppeling

release handle = ontsluithendel

release lever = [1] drukvinger van koppeling

release lever = [2] ontsluithendel

release-lever plate = druktafel van koppeling

release mechanism = [1] losbreekinrichting van aanhangwagen

release mechanism = [2] slotopeningmechanisme van veiligheidsgordel

release pressure = openingsdruk

release shaft = ontkoppelingsas

release spring = terughaalveer, terugstelveer

release thrust bearing = druklager van koppeling

release time = lostijd

release valve = losklep, ontlastklep

 

reliability = betrouwbaarheid

reliability of operation = bedrijfszekerheid

 

reliable = betrouwbaar

 

relief = [1] ondersteuning, ontlasting

relief = [2] verdieping in zuigerbodem

relief ball = ontlastkogel

relief valve = afblaasklep, overdrukklep

relief volume = ontlastvolume

 

relieve (verb) = lichter maken, ontlasten

 

relight (verb) = herstarten, opnieuw aanzetten

 

relighting procedure = herstartprocedure

 

reline (verb) = [1] opnieuw in lijn brengen

reline (verb) = [2] opnieuw ingieten van een lagerschaal

reline (verb) = [3] voorzien van een voering

 

reluctance = magnetische weerstand

 

remanence = remanent magnetisme

 

remedy = remedie

 

remold (verb; Am.) = [1] opnieuw vormen

remold (verb; Am.) = [2] van een nieuw loopvlak voorzien

remold tire (Am.) = gecoverde autoband, remould-band

 

remote control = afstandsbediening

remote-control receiver = ontvangend gedeelte van de afstandsbediening van de centrale portiervergren­deling

remote-control key = sleutel waarmee op afstand portieren kunnen worden bediend

remote-control outside mirror = op afstand bedienbare buitenspiegel

remote filler = buitenvulinrichting van LPG-systeem

remote-function actuation = op afstand uitgevoerde activering van een bepaalde functie

remote keyless entry = via afstandsbediening uitgevoerde ontgrendeling van de portieren

 

remould (verb) = [1] opnieuw vormen

remould (verb) = [2] van een nieuw loopvlak voorzien

remould tyre = gecoverde autoband, remould-band

 

removable = [1] afneembaar, demontabel

removable = [2] verplaatsbaar

 

removal van = verhuisauto

 

remove (verb) = demonteren, verwijderen

 

remover = trekgereedschap, trekker

 

renew (verb) = vernieuwen

 

renewal = vervanging

 

renovate (verb) = vernieuwen

 

rent (verb; Am.) = huren

 

rental car = huurauto

 

renter = huurder

 

repaint (verb) = opnieuw lakken

 

repair (verb) = repareren

repair (subst.) = herstelling, reparatie

repair bay = reparatie-afdeling in garagebedrijf

repair bench = richtbank

repair handbook = reparatiehandboek, werkplaatshendboek

repair kit = reparatieset

repair manual = reparatiehandleiding

repair paint = reparatielak, touch-up-lak

repair shop = reparatiewerkplaats

repair specifications = reparatievoorschriften

repair time = reparatietijd

 

repeat (verb) = herhalen, opnieuw doen

repeat button = herhalingsknop van CD-speler

 

repeated-stress failure = vermoeiingsbreuk

 

repellent = afweermiddel

 

replace (verb) = terugzetten, vervangen

 

replacement = vervanging

replacement engine = ruilmotor, revisiemotor

replacement part = ruilonderdeel, vervangingsonderdeel

 

replenish (verb) = bijtanken, opnieuw vullen

 

replenishment = verversing

 

replica = replica

 

require (verb) = nodig hebben, vereisen

 

requirement = eis

 

requirements = benodigdheden

 

re-ring (verb) = nieuwe zuigerveren monteren

 

re-route (verb) = omleiden

 

rescue vehicle = bergingswagen

 

research = research

research octane number = RON

 

reseat (verb) = [1] aanbrengen van een nieuwe zitting

reseat (verb) = [2] monteren van nieuwe klepzittingen

 

reserve (verb) = in reserve houden, reserveren

reserve (subst.) = reserve, reservevoorraad

reserve fuel = reservebrandstof

reserve tank = expansiereservoir

 

reservoir = [1] ketel

reservoir = [2] reservoir, tank

reservoir control light = controlelicht voor te laag niveau in reservoir

 

reset (verb) = [1] bijstellen, opnieuw instellen

reset (verb) = [2] op nul stellen, terugstellen

reset button = nulstelknop, terugstelknop

reset spring = terugstelveer

 

resetting knob = nulstelknop, terugstelknop

 

residual = overgebleven, resterend

residual deflection = nulpuntsfout van meetinstrument

residual-fuel pressure release = drukontlasting van laatste restje brandstof in tank

residual gas = restgas

residual pressure = restdruk

residual-pressure check valve = dubbelwerkende bodemremklep

residual stress = restspanning

residual value = restwaarde

 

residue = overblijfsel, restant

 

residues = aanslag, residu

 

resilience = elasticiteit, veerkracht

 

resilient = elastisch, veerkrachtig

 

resin = hars, kunsthars

resin top = kunststof dak

 

resinify (verb) = verharsen

 

resist (verb) = weerstaan, weerstand bieden

 

resistance = [1] elektrische weerstand

resistance = [2] weerstandsvermogen

resistance against motion = aanzetweerstand

resistance test = sterkteproef

resistance to ageing = ouderdomsbestendigheid

resistance to atmospheric corrosion = weerbestendigheid, weervastheid

resistance to heat = hittebestendigheid

resistance to rupture = breukvastheid

resistance to wear = slijtvastheid

resistance value = weerstandwaarde

resistance welding = weerstandslassen

 

resistant = bestendig, weerstand biedend

 

resistibility = bestendigheid, weerstand

 

resistive = bestendig, weerstand biedend

resistive cord = bougiekabel

resistive suppressor = ontstoringsweerstand

 

resistivity = specifieke elektrische weerstand

 

resistor = weerstandselement

resistor-type spark plug = ontstoorde bougie

 

resonance = resonantie, weerkaatsing

resonance chamber = resonantiekamer in luchtinlaatsysteem

resonance-chamber duct = luchtinlaatleiding met resonantiekamer

resonance duct = resonantiebuis

 

resonate (verb) = resoneren, weergalmen

 

resonator = resonantie-uitlaatdemper

resonator intake muffler (Am.)= inlaatluchtdemper

resonator intake silencer = inlaatluchtdemper

resonator-type muffler (Am.) = resonantie-uitlaatdemper

resonator-type silencer = resonantie-uitlaatdemper

 

respirator = gasmasker

 

respire (verb) = ademen, adem halen

 

respond (verb) = antwoorden, reageren

 

response = reactiegedrag, respons, weerklank

 

responseless = [1] ongevoelig, onnauwkeurig werkend

responseless = [2] zweverig aanvoelend

response time = reactietijd

 

responsive = alert reagerend, levendig, nauwkeurig werkend

 

responsiveness = vermogen van auto om direct te doen wat bestuurder wenst

 

respray (verb) = spuiten

 

rest (subst.) = drager, steun

rest (subst.) = [2] rust

rest (verb) = [1] een dragende functie vervullen

rest (verb) = [2] laten rusten, rusten

rest position = rusttoestand

 

restauration = restauratie van een oude auto

 

restoration = restauratie van oude auto

 

restore (verb) = in de oorspronkelijke staat terugbrengen

 

restorer = restaurateur van oude auto’s

 

restrain (verb) = belemmeren, beperken

 

restrained reach = beperkt bereik

 

restraint = belemmering, beperking

restraint system = beveiligingssysteem van auto

 

restrict (verb) = begrenzen, beperken

 

restricted-sight distance = beperkt zicht

 

restriction = [1] beperking

restriction = [2] vernauwing in leiding

 

restrictor = luchtdoorstromingbegrenzer

 

resulting force = resultante, resulterende kracht

 

retain (verb) = binnenhouden, inhouden

retain (verb) = tegenhouden, vasthouden

 

retainer = aanslag, borgveer, keerschot

retainer bolt = bevestigingsbout

retainer cap = beschermkap

retainer clip = borgbeugel, borgclip

retainer dowel = paspen

retainer nut = bevestigingsmoer

retainer pin = paspen

retainer ring = [1] afstelring

retainer ring = [2] borgring

retainer spring = klemveer, opsluitveer

retainer washer = aanslagring, borgring

 

retaining bolt = bevestigingsbout

retaining cap = beschermkap

retaining clip = borgbeugel, borgclip

retaining dowel = paspen

retaining nut = bevestigingsmoer

retaining pin = paspen

retaining ring = [1] afstelring

retaining ring = [2] borgring

retaining spring = klemveer, opsluitveer

retaining washer = aanslagring, borgring

 

retard (verb) = afremmen, vertragen

 retard (verb) = na-ijlen

retardation =vertraging

 retardation = na-ijling

retarded closing = nasluiting van klep

retarded ignition = na-ontsteking

retarded motion = vertraagde beweging

 

retarder = retarder

 

retighten (verb) = natrekken van bouten en moeren

 

retention bolt = aanslagbout, borgbout

 

retouch (verb) = nabewerken

 

retract (verb) = [1] onder spanning brengen

retract (verb) = [2] terugtrekken

 

retractable = intrekbaar, terugtrekbaar

retractable aerial = inschuifbare antenne

retractable head lights = inklapbare koplichten, uitklapbare koplichten

retractable mechanism = gordelspanner

retractable motor = motor voor de aandrijving van de opklapbare koplichten

 

retracted axle = bogie-lift, tandemas-bogie

 

retracting aerial = inschuifbare antenne

retracting head lights = uit- en inklapbare koplichten

retracting mechanism = gordelspanner

retracting motor = motor voor de aandrijving van de opklapbare koplichten

retracting reel = terugtrekspoel voor slangen en kabels

retracting spring = spiraalveer, terugtrekveer

 

retractor = [1] spaninrichting

retractor = [2] terugtrekinrichting

retractor aerial = automatische radio-antenne

retractor head lights = uit- en inklapbare koplichten

retractor mechanism = gordelspannerl

retractor motor = motor voor de aandrijving van de opklapbare koplichten

retractor reel = terugtrekspoel voor slangen en kabels

retractor spring = spiraalveer,  terugtrekveer

 

retread (verb) = coveren

 

retro-action = terugkoppeling, terugwerkende kracht

retro-fit (verb) = 1] achteraf aanpassen

retro-fit (verb) = [2] achteraf inbouwen van aanpassingen

 

returnability = zelfrichtend effect van gestuurde wielen

 

return (subst.) = retourleiding, terugvoerleiding

return button = nulstelknop

return line = retourleiding, terugvoerleiding

return pipe = retourleiding, terugvoerleiding

return port = retouraansluiting

return pulley = keerrol, omkeerpoelie

return spring = contraveer, tegendrukveer

return valve = terugstroomklep

 

re-use (verb) = opnieuw gebruiken

 

rev (verb) = met een bepaald toerental ronddraaien

rev (subst.) = krukasomwenteling

REV (reverse) = achteruitversnelling

rev counter = toerenteller

rev meter = toerenteller

rev up (verb) = een hoger motortoerental laten draaien

 

reverberate (verb) = terugkaatsen, weergalmen

 

reversal = omkering, ompoling

 

reverse (adj.) = achteruit

reverse (verb) = achteruit rijden

reverse (subst.) = [1] achteruitversnelling

reverse (subst.) = [2] keerzijde

reverse buzzer = achteruitrijzoemer op vrachtauto

reverse clutch = keerkoppeling

reverse current = elektrische tegenstroom

reverse-flow damping valve = retourstroomdempklep

reverse gear = [1] achteruitversnelling

reverse gear = [2] keerkoppeling, omkeertandwiel

reverse idler gear = omkeertandwiel van achteruitversnelling

reverse light = achteruitrijlicht

reverse order = omgekeerde volgorde

reverse projector = naar achteren gerichte schijnwerper

reverse pulley = omkeerpoelie

reverse scavenging = omkeerspoeling

reverse speed = achteruitversnelling

 

reversed-hooking tyre = autoband waarbij de bandhiel om de naar binnen gekeerde velgrand heen grijpt

 

reversible = omkeerbaar, reversibel

 

reversing buzzer = achteruitrijzoemer op vrachtauto

reversing clutch = keerkoppeling

reversing gear = [1] achteruitversnelling

reversing gear = [2] keerkoppeling, omkeertandwiel

reversing light = achteruitrijlicht

reversing projector = naar achteren gerichte schijnwerper

reversing pulley = omkeerpoelie

reversing speed = achteruitversnelling

 

revise (verb) = grondig nazien en repareren, revideren

 

revision = ingrijpende wijziging, revisie

 

revolution = omwenteling van as

revolution counter = toerenteller

revolution meter = toerenteller

revolution range = toerentalbereik

revolution speed = omwentelingssnelheid

 

REW (rewind) = stand ‘versneld terugspoelen’ van cassetterecorder

 

rewind (verb) = [1] opwikkelen, opwinden

rewind (verb) = [2] terugspoelen van cassetterecorder

rewind (subst.) = functie van cassettespeler of CD-speler waarbij de muziek versneld naar achteren wordt gespoeld

rewind button = terugspoelknop van cassettespeler of CD-speler

 

rework (verb) = nabewerken

 

RF (radio frequency) = radiofrequentie

RF (reference fuel) = normbrandstof, referen­tiebrandstof

RF (right front) = rechtsvoor

 

RFA (remote-function actuation) = op afstand uitgevoerde activering van bepaalde functie

 

RFI  (radio-frequency interference) = storing op bepaalde radiofrequentie

 

RH (right-hand) = aan de rechterhand, aan de rechterkant

 

RHD (right-hand drive) = rechtse besturing

 

RHT (reversed hooking tyre) = autoband waarbij de bandhiel om de naar binnen gekeerde velgrand heen grijpt

 

rheostat = [1] dimlichtschakelaar

rheotstat = [2] rheostaat

 

rib = [1] lamel, rib

rib = [2] ribbel, versterkingsrug

rib side = binnenkant van getande riem

 

ribbed lining = geribde bekleding

ribbed radiator = radiateur met lamellenkoelblok

 

rich injector = verstuiver die tijdelijk extra brandstof inspuit ter verkrijging van een extra-rijk brandstof-luchtmengsel

rich mixture = rijk mengsel, vet mengsel

 

ricinus oil = ricinusolie

 

ride (verb) = meerijden

ride clearance = positieve veerweg

ride comfort = passagierscomfort

ride-height = rijhoogte

ride-height control = niveauregelsysteem

ride steer = verandering van rolrichting van wiel door in- en uitveren

 

ridge = braam, rug, stootrand

ridge reamer = stootkantruimer

 

rig (Am.) = zware vrachtwagen zonder gestuurde achterassen maar met een geleed chassis

rig (Eng.) = [1] geleed motorvoertuig

rig (Eng.) = [2] installatie

right (adj.) = haaks, rechter, rechts

 

right angle = haakse hoek, rechte hoek

right door = rechterportier

right-angle bevel gearing = haakse overbrenging

right-front = rechtsvoor

right-hand = aan de rechterhand, aan de rechterkant

right-hand drive = rechtse besturing

right-handed screw thread = rechtse schroefdraad

right-hand moment = rechtsom draaiend moment

right-hand rule = rechterhandregel

right-hand screw thread = rechtse schroefdraad

right-hand side = rechterkant

right-hand steering = rechtse besturing, stuur aan rechterkant van auto

right-rear = rechtsachter

right side = rechterkant

 

rigid (adj.) = star, stijf

rigid (subst.) = ongeleed motorvoertuig

rigid axle = niet-aandrijvende starre as

rigid-axle connection = starre aandrijving

rigid-beam axle = starre as

rigid body = niet-afneembare opbouw van vrachtauto

rigid plastics = harde kunststoffen

rigid vehicle = ongelede vrachtau­to

 

rigidity = onbuigzaamheid, stijfheid

 

rim = rand, velg

rim base = velgbed

rim bead = schouder van velg

rim clamp = velgklem

rim diameter = velgdiameter

rim edge = velgrand

rim flange = velgrand

rim ledge = velgrichel

rim ring = velgring

rim-socket spanner = wielmoersleutel, wielsleutel

rim spanner = wielmoersleutel, wielsleutel

rim tool = bandijzer

rim tape = velglint

rim well = velgbed

rim width = velgbreedte

 

ring = [1] ring

ring = [2] rondom carrosserie lopende sierlijst

ring = [3] zuigerveer

ring belt = in zuiger aangebrachte plaatstalen ringbrug

ring bolt = oogbout, ringbout

ring carrier = insert, veerdrager

ring clip = ringveer

ring gear (Am.) = kroonwiel van eindoverbrenging

ring gear = [1] ringwiel van automatische transmissie

ring gear = [2] starterkrans

ring gear (Am.) = kroonwiel van eindoverbrenging,

ring lock = borgring

ring nut = ringmoer

ring ridge = stootrand in cilinder

ring-shaped = ringvormig

ring spanner = ringsleutel

ring wrench (Am.) = ringsleutel

 

rinse (verb) = afspoelen, afwassen, uitspoelen

 

rinsing booth = spoelruimte in lakstraat

 

ripple (verb) = rimpelen

 

ripple (subst.) = rimpel in lak

 

RIS (radio-interference suppression) = radio-ontstoring

 

RISC (rotary idle-speed control) = stationair toerental regelsysteem ter beperking van het brandstof­verbruik

 

rise (verb) = opstijgen, toenemen

rise (subst.) = stijging, toename

 

riser = stijgbuis van carburateur of reservoir

 

rising-rate = rising-rate

 

risk = risico

risk of explosion = ontploffingsgevaar

risk of fire = brandgevaar

 

rivet (verb) = klinken

rivet (subst.) = holniet, klinknagel

rivet head = kop van klinknagel

rivet joint = klinknagelverbinding, klinkverbinding

rivet tool = klinkapparaat

 

riveter = klinkapparaat

 

riveting set = snapper

 

RKE (remote keyless entry) = via afstandsbediening uitgevoerde ontgrendeling van de portieren

 

RLY (relay) = relais

 

RMS (root mean square) = meetkundig gemiddelde

 

RMS (root main square) = [1]sinusvermogen van radioversterker

RMS (root main square) = [2] vermogen dat een radiover­ster­ker gedurende onbepaalde tijd kan leveren

 

RND knob (random knob) = knop van CD-speler om de afspeelvolgorde van muzieknummers te bepalen

 

road = straat, weg

road adherence = wegligging

road adhesion = wegligging

road behavior (Am.) = weggedrag

road behaviour = weggedrag

road clearance = bodemspeling, grondspeling

road conditions = rij-omstandigheden

road drag = rolweerstand

road-going = geschikt voor gebruik op de normale weg

road grip = wegligging

road handling = wegligging

road-holding (adj.) = geschikt voor gebruik op de normale weg

road holding (subst.) = wegligging

road-holding quality =  wegligging

road mass = asbelasting

road noise = rijgeluiden van autobanden op wegdek

road resistance = rijweerstand

road roller = wals voor wegenbouw

road safety = verkeersveiligheid

road sense = gevoel voor autorijden

road sweeper = veegwagen

road tanker = tankwagen

road tax = wegenbelasting

road test = proefrit

road-trace method = methode om het RON van een benzine te bepalen

road traffic = wegverkeer

road-traffic law = wegenverkeerswet (WVW)

road-traffic regulations = wegenverkeersreglement (WVR)

road-traffic tax = wegenbelasting

road train = aanhangwagencombinatie

road transport = wegtransport

road user = weggebruiker

road wheel = wiel

 

roadability = weggedrag, wegligging

 

roadster = open sportwagen

 

roadworthiness = geschiktheid tot deelname aan het verkeer

 

roadworthy = rijklaar

 

roar (verb) = dreunen, ronken

 

robot = robot

 

robotise (verb) = uitrusten met robots

 

robotize (verb) = uitrusten met robots

 

rock (verb) = heen en weer schommelen

 

rocker = onderbrekerarm, tuimelaar

rocker arm =[1]  hefboom, kleptuimelaar

rocker arm = [2] onderbrekerarm, pendelarm

rocker-arm bottom link = onderste dwarsgeplaatste wieldraagarm

rocker-arm top link = bovenste dwarsgeplaatste wieldraagarm

rocker-arm shaft = tuimelaaras

rocker box = kleppendeksel

rocker clearance = klepspeling

rocker cover = kleppendeksel

rocker lever = [1] kleptuimelaar

rocker lever = [2] onderbrekerarm

rocker panel = paneel met tuimelschakelaars

rocker panel (Am.) = treeplank

rocker play = klepspeling

rocker roller = rolstoter

rocker shaft = [1] pitman-as

rocker shaft = [2] tuimelaaras

rocker switch = tuimelschakelaar

 

rocking arm = [1] hefboom, kleptuimelaar

rocking arm = [2] onderbrekerarm, pendelarm

rocking-arm bottom link = onderste dwarsgeplaatste wieldraagarm

rocking-arm top link = bovenste dwarsgeplaatste wieldraagarm

rocking-arm shaft = tuimelaaras

rocking lever = [1] kleptuimelaar

rocking lever = [2] onderbrekerarm

rocking switch = tuimelschakelaar

 

rod = staaf, stang

rod-actuated = door een stangenstelsel bediend

rod aerial = staafantenne

rod antenna (Am.) = staafantenne

rod-controlled = door een stangenstelsel bediend

 

roll (verb) = [1] overhellen in bocht, om lengte-as rollen

roll (verb) = [2] uitwalsen

roll (subst.) = rol, rolbeweging

roll angle = rolhoek

roll axis = rol-as

roll bar = stabilisatorstang, torsiestabilisator

roll cage = rolkooi

roll center (Am.) = rolcentrum

roll centre = rolcentrum

roll down (verb) = omlaag draaien

roll oscillation = slingerbeweging

roll over (verb) = over de kop slaan

roll-over bar = rolbeugel

roll-over protective structure = rolkooi, veiligheidskooi

roll pin = spanstift, splitpen

roll stabiliser = dwarsstabilisator, stabilisatorstang

roll stabilizer (Am.) = dwarsstabilisator, stabilisatorstang

roll-steer effect = stuurkarakter van auto

roll up (verb) = omhoog draaien van portierraam

 

rolled end of the spring = veeroog

rolled steel = gewalst staal

 

roller = [1] rol, rolwiel

roller = [2] wals

roller bearing = rollager, wentellager

roller blind = [1] rolgordijn

roller blind – [2] rolhoes voor radiateur

roller cell pump = excentrieke rollenpomp

roller chain = rollenketting

roller dynamometer = rollenbank, rollentestbank

roller hydraulic cam follower = hydraulische rolstoter

roller hydraulic valve lifter = hydraulische rolstoter

roller tappet = rolstoter

roller test stand = rollenbank

 

rolling chassis = rolling chassis

rolling circle = rolcirkel van tandwiel

rolling circumference = afrolomtrek van band

rolling-diaphragm air spring = luchtveerbalg

rolling friction = rolwrijving

rolling motion = rolbeweging

rolling noise = afrolgeluid van autoband

rolling radius = afrolstraal

rolling resistance = rolweerstand

rolling tool kit = gereedschapswagen

 

ROM (read-only memory) = niet-programmeerbaar geheugen van microprocessor

 

RON (research octane number) = research-octaangetal van benzine

RON (road octane number) = weg-octaangetal van benzine

 

roof = dak, kap

roof baggage carrier (Am.) = dakdrager, dakimperiaal

roof baggage rack (Am.) = dakdrager, dakimperiaal

roof bow = dakoverspanning, daktoog

roof brace = dakbeugel, daksteun

roof cross member = dakoverspanning, daktoog

roof drip moulding = daksierlijst, watergoot

roof frame = frame van cabrioletdak

roof-front top member = daktoog boven voorruit

roof hatch = dakluik

roof lid = schuifdak

roof light = in dak gemonteerd interieurlicht

roof line = dakprofiel

roof liner = dakhemelbekleding

roof load = daklast

roof luggage carrier = dakdrager, dakimperiaal

roof luggage rack (Am.) = dakdrager, dakimperiaal

roof molding (Am.) = daksierlijst

roof moulding = daksierlijst

roof-mounted = in het dak gemonteerd

roof panel = dak, dakpaneel

roof panelling = plaatstalen dakpaneel van carrosserie

roof pillar = dakstijl

roof post = dakstijl

roof rack = dakimperiaal

roof rail = dakdrager, dakrails

roof skin = plaatstalen dakpaneel van carrosserie

roof spoiler = dakspoiler

roof-top carrier = dakdrager, dakimperiaal

 

roofless = open, zonder dak

 

room = [1] compartiment

room = [2] plaatsruimte

room circle = [1] binnendiameter

room circle = [2] voetdiameter van tandwiel

room light = interieurlicht

room mirror = binnenspiegel

room temperature = kamertemperatuur

room-temperature vulcanising = koudvulcaniseren

 

roominess = ruimte

 

root mean square = [1] meetkundig gemiddelde

root mean square = [2] sinusvermogen van radioversterker

 

Roots blower = Roots-compressor

 

rope = kabel, touw

rope drum = kabeltrommel, liertrommel

rope hook = spanhaak

rope pulley = kabelpoelie

 

ROPS (roll-over protective structure) = rolkooi, veiligheidskooi

 

rose joint = kogelgewricht van wielophanging

rose-jointed suspension = geheel van kogelgewrichten voorziene wielophanging

rose red = roze

 

rot (verb) = vergaan, wegrotten

 

rotary = draaiend, roterend

rotary-combustion engine = rotatiemotor

rotary-disc valve = draaischuif

rotary engine = rotatiemotor

rotary-engine shaft = excentriekas van rotatiemotor

rotary flashing beacon = zwaailicht

rotary knob = draaiknop

rotary piston = rotor van rotatiemotor

rotary-piston engine = draaizuigermotor, rotatiemotor

rotary pump = centrifugaalpomp, rotatiepomp

rotary slide = draaischuif

rotary switch = draaischakelaar

rotary vacuum valve = vierwegklep van variomatic-transmissie

rotary valve = roterende klep

 

rotate (verb) = ronddraaien, roteren

 

rotating = draaibaar

rotating-beam light = zwaailicht

rotating flashing beacon = zwaailicht

 

rotation = omwenteling, rotatie

 

rotational axis = rotatie-as

rotational acceleration = hoekversnelling

rotational deceleration = hoekvertraging

rotational speed = rotatiesnelheid

 

rotationally adjustable-type head rest = kantelbare hoofdsteun

 

rotation axle = rotatie-as

rotation of tyres = ‘roulering’ van banden op auto

rotation sensor = toerentalsensor

rotation starting torque = [1] aanzetmoment

rotation starting torque = [2] draaimoment van krukas bij aanslaande motor, startkoppel

 

rotator = kleprotator

 

rotocap = rotocap, kleprotator

rotochamber = wervelkamer van dieselmotor

 

rotocoil = kleprotator

 

rotoflex coupling = flexibele koppeling

 

rotor = [1] remschijf

rotor = [2] rotor van rotatiemotor,

rotor = [3] rotor van stroomverdeler

rotor arm = rotor, rotorarm

rotor contour = flank van rotor

rotor coil = rotorwikkeling

rotor face = flank van rotor

rotor flank = flank van rotor

rotor housing = rotorhuis

rotor shaft = rotoras

rotor splash screen = beschermplaat voor remschijf tegen spatwater

rotor tip = rotorpunt van rotatiemotor

rotor-tip sealing = afdichting tussen rotorpunt en rotorhuis van rotatiemotor

rotor turning machine = apparaat voor het afdraai­en van remschijven

rotor winding = rotorwinding

 

rough (adj.) = [1] onverhard

rough (adj.) = [2] rauw klinkend, ruw

rough (verb) = opruwen, ruw maken

rough (subst.) = onverharde ondergrond, ruw terrein

rough file = rasp

rough-sounding = rauw klinkend als gevolg van ongelijkmatige verbranding

 

roughness = oppervlakteruwheid

 

round (adj.) = rond

round (verb) = afronden, rond maken

round bolt = kogelbout

round file = rattenstaart, ronde vijl

round-head screw = bolkopschroef

round key = spie met ronde uiteinden

round-nose pliers = rondbektang

round screw thread = ronde schroefdraad

round-set hammer = balhamer

 

rounding error = afrondingsfout

rounding-off = afronding

 

routine maintenance = regelmatig onderhoud

 

RP (reference point) = referentiepunt

RP (rotary-piston) engine = rotatiemotor

RP (steering (rack-and-pinion steering) = tanheugelstuurinrichting

 

RPO (regular production option) = optie die in het normale productie is geïntegreerd

 

RPT (repeat) knob = knop van cassettespeler om een bepaald muzieknummer meermalen achtereen af te spelen

 

RR (rear) = achter, achterste

RR (remove & reinstall) = demontage en montage

RR (remove & replace) = demontage en vervanging

RR (right-rear) = rechtsachter

 

RS (right-hand side) = aan de rechterhand, aan de rechterkant

 

RSS (roll-over stability support) = elektronisch geregeld anti-kantelsysteem voor trailers en aanhangwagens

 

RT (right) = rechts

RT knob (radio-text knob) = knop van radio waarmee teksten op de display kunnen worden geprojecteerd

 

RTM (road-trace method) = methode om het weg-octaangetal van een benzine vast te stellen

 

RTR (road-traffic regulations) = WVR (wegenverkeersreglement)

 

RTV (room-temperature vulcanising) = koudvulcanise­ren

 

RT4WD (real-time four-wheel drive) =  permanen­te vierwielaan­drijving

 

rub (verb) = afwrijven, poetsen, schuren

 

rubber (adj.) = gemaakt van rubber

rubber (subst.) = rubberen voorwerp

rubber axle bumper = bumpstop, stootrubber

rubber bearing = rubberlager

rubber bellows = rubberen balg

rubber-bonded = verlijmd met rubber

rubber-bonded metal element = silent-bloc

rubber bracket = rubberen doorvoertule

rubber buffer = aanslagrubber, stootrubber

rubber bushing = silent-bloc

rubber compound = rubbersamenstelling van autoband

rubber covering = rubberlaag

rubber gasket = rubberpakking

rubber grease = glycerine

rubber grommet = rubbertule

rubber hammer = rubberhamer

rubber hose = rubberslang

rubber joint = rubberpakking

rubber lubricant = rubbersmeermiddel

rubber mallet = rubberen hamer

rubber-metal shackle = rubber-metaallager

rubber mounting = silent-bloc

rubber sleeve = rubbermanchet

rubber stop = aanslagrubber

rubber stopper = aanslagrubber

rubber strip = rubberen afdichtstrip

rubber suspension = wielophanging met gebruikmaking van aanslagrubbers

rubber tire (Am.) = rubberband

rubber tyre = rubberband

rubber weather seal = afdichtstrook, tochtstrip

rubber weather strip = afdichtstrook, tochtstrip

 

rubbing area = wrijvingsoppervlak

rubbing block = [1] nokje van ontsteking

rubbing block = [2] schuurblokje

rubbing wax = wrijfwas

 

rub down (verb) = afschuren, uitwrijven

rub in (verb) = inwrijven

 

rule = duimstok, liniaal

rule = regel, voorschrift

 

ruler gage (Am.) = duimstok

ruler gauge = duimstok

 

rules of the road = verkeersregels

 

rumble (verb) = een rommelend geluid maken

rumble (subst.) = rommelend motorgeluid door ongelijkmatige verbranding

 

run (verb) = draaien, in gang zijn

run (verb) = rijden, stromen

run (subst.) = gang, loop

run-about = kleine personenauto voor korte ritten

run away (verb) = [1] onbestuurbaar worden van auto

run away (verb) = [2] op hol slaan van dieselmotor

run channel = geleidesleuf voor ruit in portiersponning

run-down = ontladen, versleten

run-down = verwaarloosd, zwak

run dry (verb) = droog lopen

run-flat properties = noodloopeigenschappen van autoband

run foul (verb) = kapot gaan, onklaar raken

run hot (verb) = oververhit raken, te warm worden

run idle (verb) = onbelast draaien, stationair draaien

run in (verb) = [1] inrijden van auto

run in (verb) = [2] inlopen van motor

run off (verb) = druipen,  wegvloeien

run on (verb) = nadieselen

run out (verb) = [1] overslaan van motor

run out (verb) = [2] slingeren, van de rechte baan afwijken

run‑out bearing = uitgelopen lager

run-out speed = maximaal toelaatbaar motortoerental

run warm (verb) = warmdraaien

 

runner = [1] turbinewiel van compresso

runner = [2] zakker in lakwerk

 

running board = treeplank

running condition = bedrijfstoestand

running costs = lopende kosten

running engine = draaiende motor, lopende motor

running gear (Am.) = rolling chassis

running gear (Eng.) = [1] aandrijfmechanisme, drijfwerk

running gear (Eng.) = [2] onderstel

running-in distance = inloopduur, inrij-afstand

running-in motor oil = inloop-motorolie

running lights = motorvoertuigverlichting overdag

running plate = treeplank

running surface = loopvlak van autoband

 

rupture (verb) = een breuk of een scheur oplopen

rupture (subst.) = onderbreking, scheur

 

rust (verb) = roesten

rust (subst.) = roest

rust formation = roestvorming

rust inhibiter = anti-roestmiddel, roestwerend middel

rust preventive = anti-roestmiddel, roestwerend middel

rust-proof = roestvrij

rust-proof oil = roestwerende olie

rust-protective = roestwerend

rust remover = ontroestingsmiddel

rust spot = roestplek

 

rustle (verb) = een ritselend geluid maken, een ruisend geluid maken

 

rusty  = roestig

 

RV (recreational vehicle) = camper, motorhome

 

RVP (Reid vapour pressure) = Reid-dampspanning van benzine 

 

RW (rear-axle unladen weight) = op de achteras drukkend gewicht van auto zonder lading

 

RWAL (rear-wheel anti-lock) = alleen op de achterwielen werkend anti-blokkeerremsys­teem

 

RWD (rear-wheel drive) = achterwielaandrijving

 

RWS (rear-wheel steering) = achterwielbesturing